10.3 C
Amsterdam
donderdag, 21 oktober, 2021

Net binnen

Hoe het PGB gierend uit de bocht vloog

NOG NIET AF Het persoonsgebonden budget, waarmee mensen zorg(middelen) kunnen inkopen, blijft een hoofdpijnbudget. Ook minister van Volksgezondheid Hugo de Jonge (CDA) krijgt het niet voor elkaar een wél werkend stelsel op te zetten. Dit ondanks tientallen miljoenen euro’s aan advies en geleuter. Een reconstructie, met dank aan de Volkskrant.

1996: Zelf je zorgen regelen

Het begon een kwart eeuw geleden met Erica Terpstra. Ooit een gevierd zwemster en BN‘er, maar ook enige tijd staatssecretaris van Volksgezondheid. Als rechtgeaarde VVD’er was ze fan van het Amerikaanse concept van ‘zoek het maar uit’, of in positievere termen independent living (onafhankelijk leven). Klinkt geweldig: meer keuzevrijheid en flexibiliteit voor mensen die aan zorg zijn overgeleverd. En dat was het in theorie ook, in elk geval voor het mondige deel van de doelgroep.

Waren hulpbehoevenden voor die tijd afhankelijk van toevallig aanwezige zorgaanbieders in hun gemeente, vanaf 1996 konden ze hun zorg zelf inkopen. De PGB’s zijn dan een feit. Maar het stelsel bleek al ras kostbaar, vaak behoorlijk ingewikkeld en nog steeds bevoogdend. Anders dan independent living suggereert, kregen mensen geen zak met geld dat ze naar eigen inzicht aan zorg mochten besteden. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) bepaalde of iets onder het PGB viel …..AANVULLEN

2003: Nu pas echt ‘independent living’

In 2003 werd het PGB-stelsel alweer bijgesteld. Mensen kregen het geld nu wel op de eigen bankrekening. Ze hoefden pas achteraf verantwoording af te leggen. Iedereen blij? Helaas, bijna de helft van de huidige ‘budgethouders’ had toch liever voor hen op georganiseerde zorg van een (thuiszorg)instelling. Zo’n PGB betekent namelijk ook dat je alles zelf moet regelen, en dat lukt niet iedereen. Er leek nóg een serieus nadeel aan het ‘geld uitdelen’ te kleven: het was duur en fraudegevoelig – vaak niet bewust maar als gevolg van de complexe regels.

Vooral door geluiden over massale fraude en de hoge kosten komen Terpstra’s PGB’s al snel onder vuur. Aan staatssecretaris Marlies Veldhuijzen van Zanten (CDA) in het kabinet Rutte-I (2010-2012) de nobele taak om het PGB te hervormen. Dat lukte maar zeer ten dele. Rutte-I (VVD en CDA met gedoogsteun van Wilders’ PVV) hield het maar twee jaar vol. PvdA’er Martin van Rijn nam het PGB-stokje over.

2015: Budget weer via de SVB uitgekeerd

Rutte-II (2012-2017) herstelde de rol van de Sociale Verzekeringsbank als PGB-kassa. De SVB was daar echter totaal niet op voorbereid. Chaos was het gevolg. Hulpverleners konden naar hun geld fluiten en patiënten stonden in de kou. In paniek, onder zware politieke druk, werd overgegaan tot het blind uitbetalen. Bedoeld om de fraude te verminderen deed Van Rijn’s hervorming het tegenovergestelde. In 2015 was 54% procent van de uitbetalingen door de SVB onrechtmatig en een jaar later nog steeds bijna 43%. Ook hier geldt overigens dat niet alle ‘fraude’ dat ook is. Menig gehandicapte, oudere of langdurig zieke raakte simpelweg de kluts kwijt in het complexe stelsel met de onvermijdelijke fouten (‘fraude’) als gevolg.

2018: PGB 2.0

De Tweede Kamer dwong Van Rijn in 2016 tot een nieuw, nu wel fraudebestendig en gebruikersvriendelijk stelsel: PGB 2.0. AANVULLEN Opeens blijkt het inkopen van zorg namens haar verstandelijke gehandicapte broer ook makkelijk te kunnen. Geen vergeefse pogingen meer om formulieren te uploaden, geen kwijtgeraakte papieren, geen ondoorgrondelijke vervolgstappen.

Met het oude systeem van de Sociale Verzekeringsbank (SVB), de uitvoeringsorganisatie die de persoonsgebonden budgetten (pgb) waar gehandicapten, ouderen en langdurig zieken zorg mee inkopen sinds 2015 uitbetaalt, heeft Plugge nooit overweg gekund. ‘Daar werd ik al overprikkeld van als ik ernaar keek. Maar het nieuwe portal leidt je overal doorheen. Je kan eigenlijk geen fouten meer maken. Het levert supertijdwinst op. Vriendinnen in andere gemeenten zijn hartstikke jaloers. Hadden wij dit maar, zeggen ze steeds.’

Zo begint het project PGB 2.0 in 2018 hoopvol, maar nu is het enthousiasme verdwenen. Hoewel het nieuwe systeem nog steeds positieve kritieken krijgt – gebruikers geven gemiddeld een 7.8 als waarderingscijfer – is er één probleem: bijna niemand kan er gebruik van maken. Anneke Plugge is een uitzondering gebleven.

Hoe kan dat? Wie die vraag stelt, krijgt steeds hetzelfde antwoord: iedereen is bang voor een herhaling van 2015. ‘Een posttraumatisch stresssyndroom’, diagnosticeert een bron rond het kabinet.Niet klaar

Van Rijn overleefde het debacle ternauwernood. De politieke woede werd gekoeld op de ambtenaren. De directeur van de SVB kreeg ontslag aangezegd en in 2016 dwong de Kamer af dat er een nieuw, nu écht fraudebestendig en gebruikersvriendelijk systeem zou komen: PGB 2.0.

In 2017 begon de ontwikkeling. Medio 2020 zouden alle budgethouders zijn overgestapt, schreef de Jonge in 2018 hoopvol. Deze keer zou het allemaal wél zorgvuldig gebeuren. In de woorden van topambtenaar Bianca Rouwenhorst: ‘We kiezen voor heel kleine, beheerste stappen. Alle partijen moeten bij elke stap aangeven dat ze eraan toe zijn.’

De pendule slaat sindsdien door naar de andere kant: in 2015 ging alles te snel, nu gaat alles tergend langzaam. Er zijn tientallen miljoenen geïnvesteerd, de deadline van medio 2020 is ruimschoots verlopen, maar nog altijd zijn van de ruim 120 duizend budgethouders slechts zo’n 7.000 mensen, met Anneke Plugge, overgestapt naar het nieuwe stelsel. Ongeveer 6 procent van het totaal. ‘We hebben honderden overleggen gehad, maar komen geen meter vooruit’, zegt een ingewijde moedeloos.

Terwijl er een parlementair onderzoek loopt naar de problemen van uitvoeringsorganisaties, zal minister Hugo de Jonge deze week naar verwachting een brief sturen waarin staat dat de omschakeling naar PGB 2.0 pas eind 2022 voltooid zal zijn. Als alles goed gaat.2Nieuw stelsel, oude bureaucratie

Na het debacle van 2015 had de Kamer zo zijn buik vol van uitvoeringsorganisatie SVB, dat een andere partij de opdracht kreeg om een beter functionerend systeem voor de budgethouders te bouwen. Dat werd DSW, een relatief kleine verzekeraar met een goede ict-afdeling. In samenspraak met belangenclub Per Saldo werd een gebruiksvriendelijke, meer geautomatiseerde portal gebouwd. De zorgverzekeraars namen de kosten voor hun rekening: zo’n 15 miljoen euro.

Toezichthouder Nza is enthousiast en wil dat er ‘zo snel mogelijk’ wordt overgestapt op het nieuwe systeem, omdat dan de rechtmatigheid van de uitkeringen omhooggaat. De zorgkantoren denken er net zo over. ‘Het is met het nieuwe systeem veel moeilijker om de zaak te bedonderen’, aldus woordvoerder Ceriel Thissen van CZ Verzekeraars.

Waarom verloopt de overgang dan toch zo traag? Volgens het ministerie van VWS is het ict-systeem dat verzekeraar DSW heeft opgeleverd niet toegerust om grote groepen pgb-houders toe te laten. Het systeem moet ‘technisch op orde worden gebracht’.

Ex-DSW-topman Chris Oomen, die lang betrokken was bij het project, hekelt op zijn beurt de politieke koudwatervrees. ‘Het nieuwe systeem is een 8. Maar omdat het geen 10 is, houden we vast aan het oude systeem dat een 2 is. Het is Kafka.’

Het meer fundamentele probleem is volgens ingewijden dat het kabinet en de Tweede Kamer de bureaucratische spaghetti achter het pgb onaangeroerd laten. Een overzicht van die bureaucratie is amper te geven zonder acute hoofdpijnaanval.

Een poging in één alinea: De pgb’s zijn ondergebracht in vier verschillende wetten: de Wet langdurige zorg (Wlz), de Zorgverzekeringswet (Zvw), de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO). De pgb’s uit de eerste twee wetten vallen onder de verantwoordelijkheid van de zorgverzekeraars en hun lokale zorgkantoren. De pgb’s uit de laatste twee wetten liggen bij de 415 gemeenten. De uitbetaling en salarisadministratie van alle pgb’s is neergelegd bij de SVB, dat weer onder het ministerie van Sociale Zaken valt.

Al die ‘ketenpartners’ moeten met PGB 2.0 gaan werken. En al die partijen bemoeien zich dan ook met de ontwikkeling van PGB 2.0. Kan dat? Het Bureau-ICT Toetsing (BIT) meent eind 2018 van niet. ‘Er ontbreekt een aanpak voor landelijke invoering’, concludeert BIT. ‘Ook de onderlinge samenwerking is precair.’De Jonge: regie

De Jonge besluit op 1 januari 2019 zelf de regie naar zich toe te trekken. Niet de zorgverzekeraars, maar de overheid wordt nu de ict-ontwikkelaar. Er moeten op een krappe arbeidsmarkt tientallen externe automatiseringsspecialisten ingehuurd worden. Prijs van overdracht: 12,5 miljoen.

Alle betrokken partijen blijven ondertussen hameren op de ‘functionaliteiten’ die zij in het systeem willen hebben. In totaal staan er nu zo’n 1.100 items op de ‘backlog’ die allemaal nog geregeld moeten worden. Zolang een groot deel nog niet gerealiseerd is, willen de SVB, de gemeenten en de zorgkantoren niet overstappen. Uitstel ligt daardoor steeds weer op de loer.

Het geluk voor De Jonge is dat bijna niemand omkijkt naar het uitvoeringsdrama. Dat was voor de coronacrisis al zo. De Tweede Kamer, die zo aandrong op PGB 2.0, is medeverantwoordelijk voor de problemen en houdt zich gedeisd. Dat de kosten oplopen, verandert daar niets aan.3Dubbele kosten

Wat meespeelt: er is geen alternatief. Bijna niemand wil vasthouden aan het systeem dat in 2015 nog zo overhaast werd ingevoerd. Het is te arbeidsintensief, te gebruiksonvriendelijk en te duur. ‘Dat systeem staat op instorten’, aldus een betrokkene.

Ook blijft het percentage onrechtmatige uitkeringen in het oude systeem relatief hoog. Onrechtmatigheid wijst niet per se op fraude; wel is dan niet aan de wettelijke voorschriften voldaan. Menig zorgkantoor krijgt daardoor al jaren geen goedkeurende accountantsverklaring.

De vraag is bovendien hoe goed het zicht op de missers is. Bij de eerste overstap naar PGB 2.0 in juni 2018 deden de accountants van het zorgverkeer van DSW een steekproef met de data die de SVB had verstrekt. De conclusie was dat het percentage aan onrechtmatige uitgaven veel hoger lag dan eerder gemeld door de SVB. Ook de Nationale Zorgautoriteit (Nza), de toezichthouder, bevestigde in een rapport uit 2019 dat de missers bij uitkeringen ‘significant hoger’ waren dan gemeld. Door andere ‘toetsingskaders’ te gebruiken is de foutmarge inmiddels toch weer lager geworden.In nevelen gehuld

Wat het uitvoeringsdebacle met de pgb’s de afgelopen jaren precies heeft gekost, blijft in nevelen gehuld. Mogelijke fraude is in het huidige systeem vaak alleen handmatig te controleren. Hoeveel er de afgelopen jaren precies ten onrechte is uitgekeerd, zal nooit zijn na te gaan.

De uitvoeringskosten lopen intussen snel op. Omdat de automatisering in het oude systeem hapert en er veel handmatige handelingen nodig zijn, huurt de SVB al jaren meer werknemers in dan gepland. De uitvoeringskosten werden aanvankelijk begroot op 30 miljoen, maar schommelen sinds 2015 rond de 70 miljoen per jaar. Ook gemeenten lieten eerder weten veel meer kwijt te zijn aan de uitvoering dan verwacht.

Het opzetten van PGB 2.0 vergt daarnaast forse investeringen, mede doordat er nu twee systemen tegelijkertijd in de lucht gehouden worden. Alleen al het beheer daarvan kost bijna 20 miljoen per jaar.

De ontwikkelkosten van PGB 2.0 zijn meermaals naar boven bijgesteld en worden geraamd op zo’n 50 miljoen. Ict-deskundige René Veldwijk voorspelde al dat VWS ‘de komende jaren een nationale pinautomaat wordt’ voor externe consultants.4Politieke druk

De Jonge heeft altijd slagen om de arm gehouden en erop gehamerd dat ‘zorgvuldigheid voor snelheid’ gaat, maar de opbrengst van zijn ministerschap blijft op dit dossier mager: slechts 7.000 budgethouders zijn overgegaan naar het nieuwe systeem. Daar gaat voor de verkiezingen van maart 2021 weinig meer aan veranderen, zo zal De Jonge volgens meerdere ingewijden deze week bevestigen in een nieuwe Kamerbrief.

Zijn opvolger kan de borst natmaken. De hoop is nu dat eind 2022 alle ‘ketenpartners’ zijn overgestapt op PGB 2.0; de gemeenten en zorgverzekeraars willen dan wel dat het ict-systeem helemaal op orde is. Garanties dat de nieuwe deadlines voortaan wel gehaald worden, heeft niemand.

Van de Kamer heeft De Jonge desondanks weinig te vrezen. De kosten mogen oplopen en het oude systeem mag haperen, de pgb-houders krijgen nu hun geld. Dat is politiek gezien al heel wat, na de ellende van 2015. ‘De Tweede Kamer kijkt liever weg’, denkt een betrokkene uit het zorgveld. ‘Dit project gaat de komende jaren door, de vraag is alleen tegen welke prijs.’

Latest Posts

spot_imgspot_imgspot_img